Week 17

Trainingsweek 17 - 1 t/m 7 febrauri

Een week met -zoals meestal in Nederland op een buitenbaan- veel wisselende weer- en ijsomstandigheden. Voor de trainingen op dinsdag- woensdag en zondagochtend stuur ik de mensen die zich aanmelden programma's voor die dagen of krijg je het te horen tijdens de warming up en op het ijs. Ga je op andere uren trainen laat je dan leiden door het onderstaande stuk. Beetje erg lang, maar ja, met die avondklok van tegenwoordig en gesloten kroegen heb je zeeën van tijd. Toch ;) ?

Als de omstandigheden goed zijn: weinig wind en lage temp/luchtvochtigheid en dus goed ijs dat ook lang goed blijft:
Duurwerk, als je "in de flow" weet te komen lekker lange serie's rondjes (tot bijv. 15 minuten non stop) op ontspanning en valbeweging. Krijg je last van je rug of loopt het om andere reden even niet lekker meer dan korte herstelpauze, rug strekken, etc, etc, en weer door.

Mooie omstandigheden kun je ook goed gebruiken voor kwalitatief, snel werk en "voelen" wat de respons van het ijs is op wat jij met je techniek probeert te bereiken qua drukopbouw, afzeteffectiviteit en -efficiëntie.

Op goed ijs stuurt een schaats veel beter dan op slecht ijs dus kun je het effect van je bewegingen op je afzetschaats (qua sturing en druk) veel beter voelen, onderzoeken en beïnvloeden dan op slecht ijs en met wind.

Als de omstandigheden minder goed zijn: veel wind, hoge temp en luchtvochtigheid, ijs dat snel aanslaat dan moet je het anders aanpakken.

Wil je bijv. onder slechtere omstandigheden toch duurwerk doen doe dat dan vooral in het begin van de training als het ijs nog redelijk goed glijdt en je schaatsen nog makkelijk "sturen".
Datzelfde geldt ook voor het kwaliteitswerk waarbij je "gevoel" voor sturing, druk , etc. belangrijk is.
Later in de trainingen op slechter ijs ga je dan vooral kracht- en diepzit oefeningen doen en bijv. startjes...

Gebruik de wind - als die in de lengterichting van de baan staat- om bijv. met relatief weinig inspanning veel snelheid te maken op het rechte eind zodat je veel op (super)snelle bochten kunt oefenen.
Technische thema's deze week gelijk aan die van de afgelopen weken en een belangrijke toevoeging: druk opbouwen, vasthouden en .... gebruiken door met je afzetschaats keihard tegen het ijs af te zetten. Het ijs duwt terug en "geeft" jou snelheid. Mooi cadeau, heerlijke ervaring!

Goed schaatsen is eigenlijk voortdurend "in gesprek zijn met het ijs". Jij doet iets met je lichaam en met je schaats (een verlengstuk van je lichaam) "praat" je met het ijs. Het ijs reageert, geeft feedback via je schaats, de sensoren in je voetzool en je spieren en zegt NU als de druk optimaal is. En dan zet je af.
Voor druk opbouwen, vasthouden en uiteindelijk gebruiken moet je "rust" hebben. Kunnen wachten tot het ijs jou het signaal geeft dat het tijd is om af te duwen. Heel interessant wat Antoinette de Jong hierover zegt: https://www.npostart.nl/nos-sport-schaatsen-wereldbeker/30-01-2021/POW_04947280, eerste 4 minuten.

Veel spelen/experimenteren/uitproberen wat heupkantel (afzetheup omlaag, inzetheup omhoog en inzetknie hoog door naar voren) doet met sturing en druk. Hetzelfde geldt voor het "rondmaken/oprollen" van je (onder)rug en de positionering van het bovenste deel van je romp en je schouders (bijv. het "banaantje" aan de rechterkant van je romp in de bocht). En uiteindelijk de combinatie van heupkantel, rondmaken en romppositie. Probeer ook uit te vinden wat voor jou het meeste voordeel oplevert. Varieert per schaatser.

Lekkere rij-opdracht (kan onder alle omstandigheden):
200 (begin ingaan van bocht) - 300 rust - 500 - 500 rust - 200 - 300 rust - 500 - klaar. Als je het -nog- intensiever wil maken neem je na de 500m geen 500 rust maar slechts 300. De afwisseling zit er o.a. in dat je zowel de 200 als de 500m een keer bij het ingaan van de bocht (dus "boem, boem, tsjak, tsjak") start als een keer aan het begin van het rechte eind. Zowel een keer wind tegen als wind mee.

"Kwaliteits-opdracht": 300m. 1e bocht "boem, boem, tsjak, tsjak" - op rechte eind (voor de wind!) snelheid verder uitbouwen "op druk" - 2e bocht in laag ritme, lage zit, jezelf helemaal "oprollen" en voelen wat dat doet met druk op en sturing van je schaats. Je kunt deze opdracht ook 200m langer maken door het eerste rechte stuk te laten volgen door een snelle bocht + nog een recht eind en pas in de 3e bocht de "rondmaak" oefening in laag ritme te doen.

Van goed kijken leer je veel over schaatstechniek. Voor jullie de volgende quizvraag: watis de meest opvallende overeenkomst in de schaatstechniek van Brittany Bowe, Patrick Roest en Thomas Krol?
https://www.npostart.nl/nos-sport-schaatsen-wereldbeker/31-01-2021/POW_04872274 Bowe 35.03, Roest 54.59, Krol: 1.17.01
Als je het ziet zie je het: ze hebben alle drie een lichte vorm van x-benen. Voor de sprinters Bowe en Krol sowieso heel handig want snel op de binnenkant van de schaats om snel druk te zetten. Roest heeft wel mooie valbeweging en "komt over" naar de buitenkant van de schaats.
Maar dankzij zijn x-benen kan hij toch snel terugkantelen naar de binnenkant en snel druk opbouwen. Daardoor kan hij in een net iets hoger ritme dan de gemiddelde schaatser bewegen op de langere afstanden zonder dat dat ten koste gaat van timing en efficiëntie van zijn afzet.

Had ik ook maar x-benen...
Kees

Sponsoren

Jaap Eden
USC
36
Hyro Sports
SSA
SVU

Realisatie: verenigingenweb